“If you can dream it, you can do it”

216. Terug in Calabrië, Zuid-Italië  

Het moment was gekomen, na een lange tijd zeilen in het geweldige Griekenland, gingen we nu de oversteek maken naar Italië. Want we willen de Middellandse Zee weer gaan uitvaren. Dus stap 1 is de oversteek maken van Lefkas waar we aan de westkant van Griekenland waren geëindigd, naar Crotone in Calabrië, Zuid-Italië.

Deze oversteek zou 38 uur zijn, dus er zit een nacht in. We vertrokken bij het eerste daglicht om 7.00u, om daarmee net voor het donker, de volgende dag rond 21.00u aan te komen in Crotone.

Alles verliep goed en door de goede wind liepen we zelfs wat voor op schema, het zou eerder 36 uur worden. Om 16.00u waren er nog 3 uur te varen. Rustig water, geen andere boten in beeld.

Potvis in zicht!

Opeens hoorde ik naast me, een blazend geluid en opspattend water. Wat was dat?

We zagen het spuitgat van een walvis op zo’n 100 meter naast de boot! Gilles gooide meteen het roer om en voer langzaam naar de walvis toe. Het bleek een potvis, de stompe neus was duidelijk zichtbaar. Het dier bleef nog zo’n 3 minuten naast ons zwemmen, op zo’n 50 meter. Bijna geruisloos en dook toen onder met de prachtige kenmerkende staart die in het water gleed. Ik heb het kunnen filmen:

Geweldig! Dit was onze eerste walvis spotting vanaf ons eigen schip. En zo dichtbij, geweldig om te zien! Een potvis kan 16 meter worden, 45.000 kg wegen en 60 jaar oud worden. Het is de grootste tandwalvis ter wereld.

En waarom zwom deze walvis dan hier? Ik keek op onze waterkaart. Meer dan 2.000 meter diep! Zo zeg, dan snap ik het wel. Wat meer onderzoek toonde aan dat de Ionische zee een belangrijk leefgebied voor walvissen is, omdat het water diep is langs de continentale hellingen, onder andere voor de westkust van Griekenland bij de Hellenic Trench en in het noordelijke deel van de Ionische Zee.

De vermoeidheid van inmiddels meer dan 30 uur varen inclusief een nacht was op slag was. We waren helemaal enthousiast.

Crotone

Het land kwam in zicht (meestal op zo’n 20 kilometer voor de kust) en we voeren naar Crotone. Ik had een plek in de haven gereserveerd, want na zo’n dag zwemmen en aankomst in de avond, wil je comfort, geen zorgen en in een haven liggen. Crotone  is een leuke en grote plek, we waren hier ook onze heenweg de Middellandse Zee ook al geweest. En geweldig om de Italianen met hun enthousiasme weer te horen praten. In dit gebied, Calabrië, wordt weinig Engels gesproken en de toeristen die er zijn, zijn meestal ook Italianen die hier in eigen land op vakantie gaan. De zuidkust van Italië is nog wel onontdekt voor toeristen uit andere landen.

En blijkbaar was de oversteek van Griekenland naar hier door meer zeilers gedaan, want om ons heen waren ook mensen die deze oversteek hadden gemaakt. En sinds de klassieke oudheid was dit al een gebruikelijke route: Kroton was in de oudheid was een van de belangrijkste Griekse kolonies in Zuid-Italië!

We zijn rond gaan fietsen in de omgeving. En vlakbij Crtonen, op deze kaap, zie je bewijzen van de oude Grieken hierin Italië: de tempel van Hera Lacinia stond hier. Van de tempel staat tegenwoordig nog maar één solitaire zuil overeind – vandaar de huidige naam Capo Colonna. De tempel stond pal aan zee en het heiligdom fungeerde in de oudheid ook als oriëntatiepunt voor schepen. Zelfs Hannibal wordt met deze plek verbonden: hij vertrok hiervandaan terug naar Carthago.

In de oude binnenstad zagen we Castello di Carlo V, want dan weer een bouwwerk uit de Middeleeuwen is. Kortom, je ziet hier een mooie combinatie van de drie lagen die je langs deze hele kust ziet: Grieks, middeleeuws en modern Calabria.

We hebben deze route gevaren vanuit Crotone, westwaarts naar de punt van de Italiaanse Laars:

Le Castella

Le Castella was de volgende plek waar we neerstreken in Calabrië. Een prachtige ankerplek met uitzicht op dit vijftiende eeuwse kasteel. De enorme vesting lijkt recht uit zee omhoog te komen. Hij staat op een klein eilandje/rotsplateau dat door een smalle strook met het vasteland verbonden is.

De verklaring voor de merkwaardige meervoudsvorm Le Castella is dat hier vroeger meerdere verdedigingswerken in dit gebied. Want wie hier woonde, moest zich voortdurend kunnen verdedigen tegen aanvallen vanaf zee.

Eindeloze zandstranden

We hopten verder langs de zuidkust van Calabrie. Het waren vooral eindeloze zandstranden waar we langsvaarden, met gekleurde parasolletjes en gezellig geluid van enthousiaste kinderen en muziek.

We hadden geluk met het weer, veel zon en een klein briesje, maar ‘s avonds ging de wind liggen, en dat was heel fijn, want er waren weinig havens langs deze kust en geen beschutte baaien vanwege recht zandstranden.

Zo’n 200 meter van het strand vandaan, gingen we dan maar ankeren. Dus gewoon op zee, vaak zo’n 5 meter diep, zonder beschutting van baaien of bergen.  Maar dat ging prima, er was door het wegvallen van de wind nauwelijks golfslag ’s avonds en ‘s nachts. En naar mate we meer naar het westen zeilden, kregen we ook mooie zonsondergangen te zien tijdens het ankeren.

Roccella Ionica

Roccella Ionica waren we eerder geweest op onze weg de Middellandse zee in.

Kenmerkend is het enorme Castello/Palazzo Carafa, op een rots ruim honderd meter boven zee. Het silhouet domineert de hele kust.

De vesting had niet alleen een mooi uitzicht: dit was serieus militair terrein. In het jaar 1553 viel de beroemde Ottomaanse kaper Dragut Pascià de plaats Roccella aan. Hij had op dat moment al grote delen van de kust geteisterd, maar Roccella wist de aanval af te slaan. Het kasteel werd daardoor beroemd als een vrijwel onneembare vesting.

We zijn nu niet aan land geweest, maar bleven doorvaren, waarbij we zagen dat de bebouwing steeds minder werd en de bergen steeds prominenter.

Uitzicht op de Etna op Sicilië

Voorbij Capo Spartivento, het zuidelijkste voorgebergte van het Italiaanse vasteland, verandert het uitzicht. Want aan de overkant van het water verscheen Sicilië en omdat het zo helder was, zagen we ook al de contouren van de vulkaan de Etna bovenuit.

We gingen na een week fijn zeilen langs deze kust in Calabrie, voor de laatste keer ankeren, we kozen een plek die voor ons de kortste oversteek zo maken naar Sicilie en met het ondergaan van de zon aan deze westkant kregen we een mooi uitzicht op de Etna. We zagen boven de krater wolken, of was dat rook…? Het bleek dat de Etna in een actieve periode zat, dus dat zouden we ook gaan meemaken!